"Het zijn niet de gevechten": expert legt uit waar vechters écht schade oplopen
In dit artikel:
Profbokser Andre Berto stelt dat boksers niet in de ring worden kapotgemaakt, maar in het trainingskamp. Drie keer per week lopen sparringssessies op hoge intensiteit, vaak tegen frisse tegenstanders die niet zacht doen maar willen opvallen. Die opeenstapeling van harde klappen tijdens ongefilmde, ongetelde rondes laat geen spoor op het officiële wedstrijdrecord achter, maar wel in het lichaam en in het hoofd van de vechter.
Het effect verschijnt soms pas tijdens het gevecht: reacties zijn een fractie trager, scherpte ontbreekt en prestaties lijden. Commentator Max Kellerman wijst erop dat ook het type sparring belangrijk is: sommige boksers krijgen zwaardere, meer risicovolle rondes omdat ze kwetsbaarder lijken, terwijl anderen juist meer worden afgeschermd. Dat verschil bepaalt hoe iemand de ring binnenstapt.
Publiek en media zoeken vaak oorzaken in de tegenstander of in ‘‘vormverlies’’, maar de echte verklaring zit regelmatig in de gym, achter gesloten deuren. De onzichtbare schade uit trainingskampen — cumulatieve harde klappen en subacute hersenbelasting — beïnvloedt resultaten en kan op de lange termijn schadelijke gevolgen hebben, ook al staat het niet op het palmares.